Uw browser (Internet Explorer 11) is verouderd en wordt niet meer ondersteund. Hierdoor werkt deze website mogelijk niet juist. Installeer Google Chrome of update uw browser voor meer internetveiligheid en een beter weergave.

Zoeken
Onderwerp

Welke abortusmethode kies je?

Hoe gaat een abortus in zijn werk? Hier lees je meer over de verschillende behandelmethoden en wanneer je die kunt kiezen. De keuze is afhankelijk van jouw wensen en hoe lang je zwanger bent.

Abortuspil

Tot 9 weken zwangerschap kun je een abortus doen met medicijnen. Dit wordt de ‘abortuspil’ genoemd, maar het is niet 1 pil. Je krijgt twee verschillende medicijnen. Eerst slik je in de abortuskliniek (of bij de huisarts als die deze voorschrijft) een pil (Mifepriston) die ervoor zorgt dat de zwangerschapshormonen niet meer werken. Meestal merk je hier niets van, maar je kunt al wat bloedverlies en buikpijn krijgen.

Je krijgt ook 4 pillen (Misoprostol) die je één of twee dagen later thuis moet innemen. Meestal adviseert de arts de 4 tabletten in je vagina in te brengen, maar je kunt de tabletten ook in je mond laten smelten. Deze zorgen ervoor dat je baarmoeder gaat samentrekken en de zwangerschap met bloed via de vagina naar buiten komt. Het lijkt op een hevige ongesteldheid, en is te vergelijken met een natuurlijke miskraam.

De krampen van je baarmoeder doen pijn, maar het verschilt per persoon hoe pijnlijk die zijn. Sommigen voelen hele hevige krampen, anderen hebben veel minder pijn. Je krijgt advies over de pijnstillers die je kunt gebruiken. Mogelijke bijwerkingen zijn ook misselijkheid, koude rillingen, koorts en diarree. Het is fijn als er iemand bij je is om je te steunen.

Gemiddeld duurt het bloedverlies 2 tot 3 weken, maar het kan ook korter of langer duren. Het verschilt ook per persoon hoe hevig de bloeding is. Afhankelijk van hoe ver je zwanger bent, kun je in het bloed soms het vruchtzakje herkennen als een doorzichtig blaasje met een heel klein vruchtje erin. Soms is het ook niet te zien tussen de bloedstolsels.

Abortuspil is geen morning-afterpil!

Een abortuspil is iets anders dan een morning-afterpil, die gebruikt kan worden na onbeschermde seks. Met een morning-afterpil kun je in de meeste gevallen een zwangerschap voorkomen, doordat de eisprong wordt uitgesteld. Maar als de eisprong al is geweest, voorkomt de morning-afterpil een zwangerschap niet meer. Een koperspiraal kan een zwangerschap dan nog wél voorkomen, doordat een bevruchte eicel zich dan niet kan innestelen in de baarmoeder. Een koperspiraal moet wel binnen 5 dagen na de onbeschermde seks geplaatst worden door een huisarts, een abortusarts of een verloskundige.

Spijtpil??

Misschien heb je iets gehoord over een zogenoemde ‘spijtpil’, waarmee je de werking van een abortuspil nog zou kunnen stoppen als je spijt hebt. Deze informatie komt van organisaties die tegen abortus zijn. Er is geen bewijs dat dit medicijn veilig is voor je gezondheid, en ook niet dat je hiermee de zwangerschapsafbreking nog kunt voorkomen!

Zuigcurettage (vacuümaspiratie)

Vanaf ongeveer 6 weken tot 13 weken zwangerschap kun je ook voor een zuigcurettage kiezen. Bij een zuigcurettage wordt met een dun buisje via de vagina de baarmoeder leeggezogen. Een zuigcurettage wordt ook wel vacuümaspiratie genoemd. Meestal krijg je van tevoren medicijnen om de baarmoedermond zacht te maken, en ook pijnstillers. Daarna brengt de abortusarts een eendenbek in je vagina en wordt je baarmoeder met prikken rond de baarmoedermond verdoofd. Je kunt een korte, hevige pijn voelen bij de verdoving en een krampende pijn tijdens de behandeling. Deze krampen zijn te vergelijken met hevige menstruatiekrampen. Bij sommige klinieken is het ook mogelijk om een roesje te krijgen, zodat je slaapt tijdens de behandeling en niets voelt. Vraag bij de kliniek wat de mogelijkheden zijn.

De ingreep duurt ongeveer 10 minuten. Na de behandeling is het advies om nog even in de abortuskliniek te blijven om bij te komen. Als je een roesje hebt gehad, mag je niet zelf rijden of moet je met het openbaar vervoer naar huis. Je krijgt antibiotica om een ontsteking te voorkomen en advies over pijnstilling.

Meestal nemen de krampen af na de behandeling, maar je kunt nog een paar dagen last houden van buikkrampen. Je krijgt advies over pijnstillers die je kunt gebruiken. Je verliest meestal ook bloed, ongeveer zoals bij een normale menstruatie. Vaak stopt het bloedverlies binnen twee weken, maar het kan ook langer duren of al snel stoppen na de behandeling.

Spiraaltje plaatsen

Mocht je na de abortus een spiraaltje willen laten plaatsen, dan kan dat tijdens een zuigcurettage meteen worden gedaan. Als je kiest voor de abortuspil, dan kan een spiraaltje pas 3 tot 4 weken later geplaatst worden.

Abortus na 13 weken

Als je 13 weken of langer zwanger bent, kun je een zwangerschap ook nog laten afbreken, maar niet in elke abortuskliniek. Met een zuigbuis en instrumenten wordt dan de baarmoeder leeggehaald. Informeer bij je huisarts of een abortuskliniek naar de mogelijkheden.

Laat een echo zien dat je meer dan 22 weken zwanger bent? Dan kun je de zwangerschap niet meer laten afbreken in een abortuskliniek. Alleen als er een ernstige afwijking is bij de foetus kun je naar een ziekenhuis voor een zwangerschapsafbreking tot 24 weken.

Even effectief en veilig

Een abortuspil en een zuigcurettage zijn allebei veilig en werken allebei goed om een zwangerschap af te breken. Bij beide behandelingen is er een kleine kans dat de zwangerschap niet helemaal naar buiten komt, er nog een rest achterblijft of dat je toch nog zwanger blijft. Daarom is het belangrijk om na 3 tot 4 weken nog een zwangerschapstest te doen en dit te laten controleren.

Je vruchtbaarheid verandert niet door een abortus. Je vruchtbaarheid neemt wel af na je 35e jaar. Over het risico op eventueel andere complicaties kan je arts meer vertellen.

Nazorg

Na de behandeling is er nazorg en nacontrole. Je kunt hiervoor na drie of vier weken naar de huisarts of naar de kliniek gaan. Je kunt zelf een zwangerschapstest doen om te kijken of je inderdaad niet meer zwanger bent. Bij de huisarts of in de kliniek kun je laten controleren of de behandeling goed is gegaan. Misschien heb je nog lichamelijke of emotionele klachten, die kun je dan bespreken. Als je je zorgen maakt, kun je ook al eerder contact opnemen met een arts of de kliniek. Bij de nacontrole kun je ook advies krijgen over anticonceptie als je niet opnieuw ongewenst zwanger wilt worden.

Informatie over verschillende anticonceptiemiddelen
Meer lezen over abortus?

Lees wat de procedures zijn bij het afbreken van een zwangerschap, waar je terecht kunt en wat ervaringen van anderen zijn.

Alles over abortus